Een bescheiden grondlegger – interview Nelly Voogt

Het lijkt het me vanzelfsprekend dat het eerste stuk in deze nieuwe rubriek gaat over Nelly, Nelly Voogt, grondlegger van het vrouwenwielrennen. Hieronder een interview dat ik met haar had op 23 april 2008.

Hoe zou je jezelf betitelen ten aanzien van het “vrouwenwielrennen”?
Dat is moeilijk in één woord te zeggen, Initiatiefnemer. Maar ik was niet alleen hoor, ik heb het echt samen met Cora (Westland-red) gedaan. Het was die bijzondere samenwerking waardoor we het van de grond hebben gekregen.

“HET” van de grond gekregen?
De mogelijkheid voor vrouwen om op hun eigen niveau te trainen, met een warming-up, oefeningen, techniekaanwijzingen, en een cooling down.
10-15 jaar geleden kwam je als vrouw op een club en dan kon je meedoen met de clubwedstrijden, tussen de mannen. Dat was het, verder was er geen enkele begeleiding of training. En nog steeds blijkt het moeilijk als jong meisje, vrouw, de aansluiting te vinden.

Hoe komt het, denk jij, dat er toch nog zo weinig veranderd is op dat gebied?
Het is een beetje een dooddoener, maar dat heeft met de cultuur te maken, binnen het wielrennen verandert alles moeizaam.

Terug naar de samenwerking met Cora … 
Ja, in mijn laatste wielerseizoen, in 1998, heb ik het NK op de weg gereden in Limburg. Cora was toen al gestopt met wedstrijden en was in Limburg gewoon lekker  fietsen. Na mijn wedstrijd kwam ik haar tegen en al fietsend raakten we aan de praat. We bleken dezelfde ideeën te hebben, wilden allebei graag iets gaan organiseren voor vrouwen onder het eliteniveau, dat die op hun eigen niveau trainingen zouden kunnen krijgen.
Ik had een trainersdiploma en ging vanuit wielerclub Het Stadion al met een aantal dames fietsen, 2 of 3 in het begin. 
We hebben alle verenigingen uit Midden-Nederland aangeschreven. Ons oorspronkelijke idee was dat er vanuit de clubs vrouwen bij ons extra zouden kunnen trainen, naast de clubwedstrijden. (Maar het werkt nu ook andersom: vanuit de trainingen gaan vrouwen zich aanmelden bij verenigingen.)
En dat ze wedstrijden zouden kunnen rijden tegen elkaar.

Die wedstrijden zijn er gekomen, toch?
Ja, we zijn de regiocompetitie gestart, wedstrijden voor vrouwen die geen licentie hebben. Inmiddels kunnen er ook vrouwen met een B- en C-licentie meedoen, maar nog steeds geldt dat je ook op een daglicentie kunt starten. Deze wedstrijden slaan een brug tussen de nationale wedstrijden en ‘alleen maar’ toeren.

Je werkt bij de KNWU, is er een verband met het vrouwenwielrennen?
Nee, dat staat helemaal los van elkaar. Ze zijn bij de KNWU niet echt geïnteresseerd in het wat lagere niveau. Het is voor mij hobby.  Wat we wel hebben bereikt in de periode dat er bij de KNWU overheidssubsidie was om het vrouwenwielrennen te stimuleren is de vrouwen-B categorie. Dat is een extra niveau, tussen de elite-dames en toerrijdsters in. Je kunt bij de KNWU nu een B-licentie aanvragen en meedoen aan wedstrijden. Maar er zijn nog weinig tot geen aparte wedstrijden, je rijdt mee met de elite-dames. 

Wat doe je wel bij de KNWU?
Ik ben beleidscoördinator, mmmm, dat zegt niet zoveel. Ik ben onder andere verantwoordelijk voor het kader (trainers, ploegleiders, soigneur, juryleden) in het algemeen en ontwikkelingen van opleidingen voor hen in het bijzonder (…), en houd me daarnaast me bezig met aangepast sporten, dopingzaken en verenigingsondersteuning.

Even terug naar het begin Nelly, waar en wanneer ben je geboren?
Op 28 april 1966 in Spijkenisse. In Rotterdam heb ik gestudeerd voor medisch analist aan het HLO (Hoger Laboratorium Onderwijs), als microbiologisch analist in het Dijkzigt Ziekenhuis gewerkt, en in 1992 ben ik naar Utrecht verhuisd.

Kom je uit een sportieve familie?
Mijn vader en broer voetbalden, mijn zus handbalde. Ik wilde ook wel op voetbal maar in die tijd was dat te ver weg voor een meisje (waren er niet veel clubs waar dat kon). Toen mijn  broer 16 werd kreeg hij een racefiets in plaats van een brommer…dát wilde ik ook! Op mijn 14e  kreeg ik zelf een racefiets.
We hebben alledrie (zus, broer-red.) wedstrijden gereden en mijn vader is zich toen ook in het wielrennen gaan begeven, hij werd voorzitter van een club en organiseert nog steeds wedstrijden.

Dan waren jullie alledrie wel van niveau en fanatiek?
Nou ja, ik vond het gewoon leuk om te fietsen en wedstrijden te rijden. Ook bij de trainingen:  “kom meerijden”, zeiden ze dan en dan zakte je er vanachter uit…daar bestond de hele training uit. Maar de volgende week kwam ik toch weer, ik vond het wél leuk en na een aantal jaren kon ik uiteindelijk ook het peloton volgen.
Tussen ‘80 en ‘98 heb ik wedstrijden gereden, in Nederland en af en toe in België.

Terug naar vandaag, voegt deze website voor jou iets toe?
Ja, we krijgen veel nieuwe aanmeldingen binnen via de site. De afgelopen winter hebben zich bij mij in Utrecht 10 a 15 nieuwe dames gemeld om mee te gaan trainen, ik keek toevallig vandaag even en er komen weer drie nieuwe vrouwen mee trainen zaterdag! En deze nieuwe rubriek Het Verhaal Van…is ook leuk voor degenen die al meedoen en willen lezen wat er zoal gebeurt op fietsgebied.

Wat heb je nog voor ogen, heb je nog een doel met het Vrouwenwielrennen?
Jazeker, ik wil heel graag dat de verenigingen ons werk gaan overnemen. Het moet niet zo zijn dat als ik stop (voorlopig nog niet hoor) deze trainingsmogelijkheid weer verloren gaat. Ik wil dat zij iemand aannemen om deze trainingen te geven, zodat er niet alleen op wedstrijdniveau maar voor álle vrouwen van elk niveau binnen een vereniging een goede plek komt.

Het laatste stukje interview hadden we terwijl zij op de fiets zat, dwars door Utrecht en de regen, auto’s ontwijkend praatte ze enthousiast verder (dankzij een strakke planning nog even tijd tussen werk en vergadering door om een  boodschap te doen). Werk, hobby, het loopt bij Nelly allemaal een beetje door elkaar. Altijd onderweg, altijd enthousiast, zichzelf niet graag op de voorgrond plaatsend, onze eigen, bescheiden grondlegger.

Laat je lach nog maar lang doorklinken in het vrouwenwielrennen!
Joanne

Comments are closed.

Contact Us