Gran Fondo Val Gardena

Omdat we toch naar Italië gaan om een bruiloft van vrienden bij te wonen, besluiten we van de gelegenheid gebruik te maken om eens een Italiaanse cyclo in de Dolomieten te rijden. Mijn vriend Gerco heeft met hulp van de vertaalmachine de juiste formulieren in het Italiaans ingevuld en het inschrijfgeld van 25 euro p.p. overgemaakt. Op zaterdagmiddag, na het inchecken in het appartement in Ortisei/Sankt Ulrich (alles tweetalig hier, behalve als wij willen communiceren met andere fietsers…) gaan we ons maar eens bij de registratie melden. We krijgen een chip en zijn enigszins verbaasd als er maar 200 deelnemers blijken te zijn, waarvan 8 dames. We hadden een veel grotere opkomst verwacht, omdat we in hetzelfde gebied als de Dolomietenmarathon zitten. We speculeren over de reden, is het de aanmelding op een Italiaanse website, het niveau van de deelnemers, we weten het niet….’s Avonds nog een pasta, en met name Gerco denkt dat het niveau hoog is: met zo weinig deelnemers zijn het vast alleen de toppers die meedoen en gaat het vanaf de start vol…zelf maak ik me voor de verandering eens minder druk en besluit ervan te gaan genieten.  Op het programma morgen staan 4 collen, 115 km, 3100 hoogtemeters. 


   Het verhaal van...

De ochtend van vertrek is er het eeuwige getwijfel wat aan te trekken, de weersvoorspelling is namelijk niet gunstig. Er wordt regen verwacht en met klimmen tot 2300 meter is dat niet aanlokkelijk. We besluiten voor beenstukken, regenjasje, armstukken, en een stapel repen omdat we niet weten hoe de bevoorrading hier is. Kortom, met flinke bulten op de rug staan we aan de start.

De speaker begint in het Italiaans en eindigt 10 minuten later in het Italiaans., we begrijpen er niets van. Iedereen kijkt serieus. Het verbaast ons dat velen slechts 1 kleine bidon bij zich hebben, geen beenstukken en zeker geen bulten op de rug. Als enige Nederlanders worden we nog wel op de foto gezet door de organisatie en krijgen ook mijn zeer goed bevallende prototype 3AX pedalen (http://3ax-cycling.com/) nog wat aandacht van een oplettende medefietser. Het startschot klinkt en gelukkig rijden ze niet als gekken weg. We zoeken een plekje in het zich opdelende peloton, meteen de klim van de Passo Sello op. Ik besluit rustig in een groepje te blijven zitten, terwijl ik Gerco langzaam verder uit zicht zie fietsen. Het uitzicht is schitterend, eigenlijk vinden we het beiden nog mooier dan de Passo di Stelvio, Gavia, en Mortirolo, klimmen die we vorige week op eigen gelegenheid hebben gedaan. Het Sella massief schittert in de zon, nog wel, en Gerco krijgt onderweg een, voorbarige, spottende opmerking over zijn spatbordje…

De eerste klim tot 2200 meter loopt lekker, en na een bevoorradingspost op de top duik ik de afdaling in. Ik verbaas me, alweer, over de Italianen, nu over de beperkte afdaalvaardigheden van velen. Ik stuif ze voorbij en denk met plezier terug aan de bochtentraining tijdens de Vrouwenwielren-training (met name dank aan Claar!), dat heeft veel geholpen. De tweede col is de Passo Pordoi, soepel lopend en niet te lang. Eenmaal boven begint het te spetteren en de afdaling is lang en fris. Op min of meer vlakke stukken, alleen fietsend, in de regen, tegen de wind, denk ik terug aan de Vikingtour in Noorwegen van vorig jaar… De omgeving is net zo schitterend, maar als je alleen fietst is het toch extra bikkelen. Bij het begin van de derde klim besluit ik, ondanks de regen, toch mijn regenjasje uit te doen. Bij het uitkomen van een korte tunnel besef ik dat ik zo toch wel heel nat ga worden, dus het jasje gaat weer aan. Mijn enige ‘gesprek’  met een Italiaan is tijdens deze klim, en zijn woorden luidden: ‘ terrible’ , ‘vielleicht schnee’ . Dan komt het beroerdste stuk van de hele tocht, op de Passo Fedaia: lang, recht, en optisch vals plat… maar intussen krijg ik mijn lichtste versnelling amper rond, en ik ben niet de enige. Als ik dat eindelijk gehad heb, komen de haarspeldbochten met bordjes 15%….wat was dat hiervoor dan? Wel een mooi beeld om de zigzaggende heren voor mij te zien. De top komt uiteindelijk toch nog onverwacht en nu volgt een koude en natte afdaling. Voor mijn doen heel ongebruikelijk denk ik: kwam er maar een einde aan de afdaling, dan mag ik weer klimmen en krijg ik het weer warm. De laatste klim is de Passo Sella van de andere kant. Voor de top bedenk ik al dat ik niet ga stoppen, maar meteen zal afdalen om snel een warmere en drogere plek op te zoeken. Vlak voordat ik dat daadwerkelijk doe, zie ik Gerco’s brandweerrode Canyon voor het restaurant staan. Hij heeft net een warme chocolademelk op en stelt voor om niet naar de finish aan de andere kant van het dorp te gaan, maar direct naar het appartement in het dorp zelf. Goed plan. Samen gaan we de afdaling in en check nog een paar keer onderweg of hij nog volgt. Ik weet dat hij een grotere hekel aan nat en kou heeft dan ik en de combi met afdalen maakt het er niet beter op. In het dorp hebben we nog twee straten met >15% te gaan naar het appartement, waar we klappertandend onder de douche gaan staan. We hebben het volbracht!

Eenmaal warm, schoon en droog, besluiten we met de auto naar de finish te gaan omdat daar ons nog een pasta party beloofd is. We komen aan op het moment dat de prijsuitreiking net is begonnen. Een snelle blik op de uitslagenlijst leert dat er 65 deelnemers zijn gefinished, waarvan 3 dames. Gerco is 8e in zijn categorie, ik ben 2e bij de dames. Wat is er met al die andere deelnemers gebeurd? Zijn ze afgestapt en hebben ze zich laten ophalen? We zullen het niet weten, wel bedenken we dat velen er in onze ogen niet goed op gekleed waren.  Vrij snel word ik naar voren geroepen en krijg een mand met bidon, koekjes, snoepjes, jam en een apfelstrudel (formaat grote kerststol). Oh ja, en nog een zadel van Selle SMP. Leuk! Geen idee waarom precies maar enkele minuten later word ik weer naar voren geroepen en krijg een thermoshirt. Na elke uitreiking volgen er nog wat foto’s, en zo sta ik vast nu ergens op een Italiaanse website met het Vrouwenwielren-shirt. Vlak daarna word Gerco geroepen en krijgt hij ook een mand en nog iets waarvoor hij zijn maat moet roepen: doe maar L. Zodra hij het uitpakt, blijkt het een snelpak te zijn…! En als laatste samen nog eens naar voren als ‘team Holland’  waarbij we nog 12 potten jam krijgen, bovenop de 8 die we al hadden! Zoiets hebben we in Nederland nog nooit meegemaakt. Dit maakte de koude en natte omstandigheden helemaal goed…!

Hélène Verheije

Comments are closed.

Contact Us